home
 

Huidige pagina: Ouders - Financiën - Reglement Ouderbijdragen

 

 Reglement Ouderbijdragen

 

Ondergetekende, rector van het Erasmus College, verklaart dat de schoolorganisatie zich zal houden aan het “reglement ouderbijdragen Erasmus College”. 

 

Dit reglement is er op gericht ouders te informeren over de ouderbijdrage die de school in rekening brengt aan de ouders. Tevens geeft het reglement inzicht in de wijze waarop het Erasmus College omgaat met de gelden die ontvangen worden uit de vrijwillige ouderbijdrage en de wijze waarop hierover verantwoording wordt afgelegd.   

 

C. Molsbergen, juli 2011

 

 


 

 

                            “Reglement ouderbijdragen Erasmus College” 

 

Preambule

 

Het Erasmus College is wettelijk een school voor bijzonder onderwijs, hetgeen betekent dat burgers het initiatief hebben genomen tot oprichting van de school en niet de overheid. Zij stelden - naast de wettelijke uitgangspunten – twee uitgangspunten centraal. Ten eerste werd gekozen voor een samenwerkingsschool. Ten tweede werd gekozen voor een daltonschool. 

 

Het eerste uitgangspunt betekent dat men niet aansloot bij de bestaande indeling in aparte openbare, katholieke en protestants-christelijke scholen, maar bewust koos voor het samen naar een school laten gaan van kinderen van ouders met verschillende levensbeschouwelijke opvattingen. Dit betekent o.a. dat gekozen is voor het aanbieden van een apart levensbeschouwelijk vak, genaamd Kennis van het Geestelijk en Maatschappelijk Leven (KGML) waarin de nadruk ligt op het kennis maken met verschillende levensbeschouwingen. Dit vak is mede gericht op het respectvol leren omgaan van de leerlingen van de school met mensen met een andere dan de eigen levensbeschouwelijke achtergrond. 

 

Het tweede uitgangspunt betekent dat men de daltonwerkwijze als pedagogisch en didactisch beginsel hanteert voor de organisatie van het onderwijs. Dit betekent o.a. dat gekozen is voor het bieden van mogelijkheden aan leerlingen om te leren zelfstandigheid te ontwikkelen, samenwerking tot stand te brengen en verantwoordelijk te leren omgaan met vrijheid. 

 

Beide uitgangspunten – samenwerkingsschool en dalton – zijn bedoeld ter bevordering van de persoonsvorming van leerlingen, waarbij gestreefd wordt naar opleiding en opvoeding voor het leven in een democratische samenleving, naast het opleiden voor het eindexamen.

 

Deze keuze voor persoonsvorming heeft geleid tot het ontwikkelen van een ruim aanbod aan activiteiten op creatief, cultureel en sportief gebied, waarin leerlingen hun talenten kunnen ontplooien, zelfstandigheid kunnen ontwikkelen, leren samen te werken, leren dat vrijheden altijd samen gaan met het dragen van verantwoordelijkheid en leren dat leven meer is dan werken.

 

Deze keuze heeft ook geleid tot het anders inrichten van het gebouw om de daltonwerkwijze mogelijk te maken en om voorzieningen te realiseren voor culturele, creatieve en sportieve activiteiten. 

 

Deze keuze heeft ook geleid tot het realiseren van een ruim aanbod aan leer- en hulpmiddelen op het gebied van de creatieve vakken en lichamelijke opvoeding en het realiseren van voorzieningen in de aula van de school om uitvoeringen op allerlei terrein te kunnen houden.

 

Deze keuzes hebben ook geleid tot het toedelen van uren aan medewerkers om deze activiteiten mogelijk te maken en te begeleiden, en ook tot het aanstellen van specifieke medewerkers, zoals een regisseur, een bibliothecaresse en docenten KGML. 

 

De school heeft ervoor gekozen dat alle leerlingen de gelegenheid moeten krijgen om van dit aanbod te kunnen profiteren. Deelname moet dus niet afhankelijk zijn van de financiële draagkracht van de ouders. Er worden daarom geen aparte cursusgelden geheven voor deelname aan bijvoorbeeld toneel, orkest en vertegenwoordigende sportteams. Er worden ook geen extra gelden in rekening gebracht om vakken als tekenen, handvaardigheid, muziek en LO/BSM in het examenpakket op te nemen. Er worden geen aparte rekeningen verstuurd voor lesgebonden excursies. Toegangskaarten voor allerlei activiteiten in de school worden ook niet kostendekkend verkocht. 

 

Deze keuzes zijn keuzes van de school. De rijksoverheid respecteert deze keuzes, maar verstrekt hiervoor geen extra subsidie. De school moet deze keuzes dus zelf betalen. Dat lukt ons voor het merendeel van de kosten, maar niet volledig. Daarom vraagt de school een bijdrage van de ouders. 

 

De ouders hebben geen wettelijke verplichting om deze bijdrage te betalen. De school kan wel een contract afsluiten met ouders, waarin de ouders zich verplichten tot betaling. Het Erasmus College acht het sluiten van een dergelijke overeenkomst een schijnoplossing, aangezien daardoor vrijwilligheid wordt omgezet in een verplichting, die al dan niet wordt aangegaan.  We hebben er dan ook in overleg met de oudergeleding van de MR voor gekozen om een dergelijk contract niet op te stellen. Het Erasmus College zou echter geen Erasmus College meer kunnen zijn zonder deze bijdrage. We nemen aan dat u mede gekozen heeft voor onze school vanwege het bijzondere karakter van onze school en dat u dus graag wil dat we dit bijzondere karakter kunnen handhaven. Daarom vragen we u de ouderbijdrage te betalen. We houden ons daarbij aan de volgende regels:

 

Artikel 1.

 

  1. De ouderbijdrage is vrijwillig
  2. De toelating van de leerling tot de school wordt niet afhankelijk gesteld van betaling van de ouderbijdrage
  3. Het bestuur en de directie behouden zich het recht voor om, indien de inkomsten aan ouderbijdragen te gering zijn ter financiering van de in artikel 3 genoemde activiteiten en faciliteiten, deelname aan deze activiteiten en gebruikmaking van deze faciliteiten kostendekkend in rekening te gaan brengen aan de ouders dan wel te besluiten deze activiteiten niet langer te organiseren.

 

Artikel 2.

 

Indien er meer kinderen uit een gezin gelijktijdig bij het Erasmus College staan ingeschreven, wordt op de vrijwillige ouderbijdrage een reductie verleend van 15 % voor het tweede en 25% voor het derde en de volgende kinderen.

 

Artikel 3.

 

  1. De ouderbijdragen worden besteed aan de volgende categorieën:

 

  1. samenwerking, ouderparticipatie en daltononderwijs
  2. bibliotheek en multimediale activiteiten
  3. culturele, creatieve en sportieve activiteiten
  4. les-gebonden buitenschoolse activiteiten
  5. studiekeuzebegeleiding 

 

Artikel 4.

 

  1. De ouderbijdrage wordt van jaar tot jaar door de directie vastgesteld
  2. De oudergeleding en de leerlingengeleding van de MR heeft instemming inzake de hoogte en de bestemming van de ouderbijdrage.
  3. Jaarlijks wordt door de directie verantwoording afgelegd aan de oudergeleding van de MR over inkomsten en uitgaven
  4. Jaarlijks worden ouders van alle leerlingen geïnformeerd over de schoolkosten, inclusief de hoogte van de vrijwillige ouderbijdrage, en over de besteding van de ouderbijdragen 

 

Artikel 5.

 

  1. De ouderbijdrage heeft betrekking op het gehele schooljaar, lopende van 1 augustus tot en met 31 juli van het daarop volgende jaar.
  2. Voor de leerling die in de loop van een schooljaar wordt toegelaten of de school verlaat wegens verhuizing naar een andere gemeente, wordt de ouderbijdrage geheven met ingang van – respectievelijk tot het einde van het desbetreffende kwartaal.

 

Artikel 6

 

  1. De rekening voor de ouderbijdrage wordt in september of oktober verzonden. 
  2. Ouders kunnen verzoeken om de ouderbijdrage in termijnen te betalen dan wel verzoeken om een aangepaste betalingsregeling. Een verzoek hiertoe kan ingediend worden bij het hoofd van de financiële administratie van de school. 

 

Artikel 7

 

Het reglement ouderbijdragen wordt jaarlijks verstrekt aan alle ouders van nieuwe leerlingen van het Erasmus College en gepubliceerd op de website.